Boek Nederlands

Rood, of Waarom pesten niet grappig is

Jan De Kinder (auteur)

Rood, of Waarom pesten niet grappig is

Jan De Kinder (auteur)
  • Vanaf 3-5 jaar
Genre:
Tuur bloost snel. Zijn klasgenoten pesten hem daarmee, aangevoerd door de sterke Paul. Eén meisje ergert zich aan het getreiter, maar ze durft er niet tegenin te gaan. Dan duwt Paul Tuur van het klimrek en vraagt de juf of iemand iets gezien heeft.
Onderwerp
Bang zijn Pesten
Titel
Rood, of Waarom pesten niet grappig is
Auteur
Jan De Kinder
Taal
Nederlands
Editie
2
Uitgever
Wielsbeke: De Eenhoorn, 2013
[32] p. : ill.
ISBN
9789058388483 (hardback)

Ook in de collectie als:

Boek: Nederlands
Vertelplaten: Nederlands

Beschikbaarheid en plaats in de bib

Besprekingen

De ik-verteller in Rood, of waarom pesten niet grappig is, is een lief, klein en schattig meisje dat ontdekt dat de verlegen Tuur heel gauw bloost. De eerste ‘rode trekken’ zijn onschuldig en teder: een enkel rood blaadje aan een tak, een rode streepjestrui en een blosje op de wang van Tuur. Gelaten ziet Tuur toe hoe zijn geheimpje wordt doorverteld. Eerst wordt er nog voorzichtig gefluisterd, maar algauw wordt er luidop gelachen: ‘We fluisteren de wangen van Tuur vol kleur’. De gevolgen voor Tuur en hoe hij zich voelt, zijn schitterend weergegeven in de illustraties, die plaat na plaat in kracht toenemen door het bijna agressieve zwart-roodeffect. 
‘Ik wil dat het stopt’, is de vaststelling van de verteller, maar dan ontbreekt de moed en slaat de angst toe om zelf slachtoffer te worden. Als het escaleert, grijpt de juf in, maar het blijft stil (‘Mijn mond is stil, maar mijn hand wil omhoog.’). En plots gaat toch de rode streepjesarm de lucht in — dit is het sterkste beeld,…Lees verder
De ik-figuur uit het boek ontdekt dat Tuur veel en vaak moet blozen, meestal om niets. En wat begint als een grapje, wordt al gauw vervelend: van uitlachen, laten blozen, smiespelen en uitsluiten, tot duwen en slaan. En dan is het niet meer grappig! Maar hoe stop je het pesten? Zeker als je bang bent voor Paul, de leider die een tong heeft zo scherp als een mes en een vuist zo hard als steen. Hoe stop je pesten als je zélf bang bent? Dan zwijg je… totdat een van de andere kinderen op durft te gaan staan. En er nog iemand volgt, en nog iemand, dan voel je je samen sterk! En ervaar je ook nog eens hoe leuk het is om samen met Tuur te voetballen. In dit ‘rode’ prentenboek spelen kleuren een belangrijke rol bij het verbeelden van de gevoelens die bij pesten horen. Rood als kleur van angst, schaamte en woede en groen als veilige kleur. De tekst, hoewel niet eenvoudig, is summier en rijk, en bevat veel aanknopingspunten om in gesprek te raken. De verschillende rollen binnen het pesten (pest…Lees verder

Rood of waarom pesten niet grappig is

Het begint haast ongemerkt met iets kleins. Tuur is verlegen, hij bloost gemakkelijk. De ik-figuur merkt het op en wijst naar hem en knipoogt naar Paul, de grootste pestkop. Die grijnst naar Freek, er wordt gelachen en gefluisterd. En Tuur,,die wordt roder en roder. 'Laat me met rust!', zucht hij. Maar als de pesttrein eenmaal is vertrokken, is hij nog moeilijk te stoppen en Tuur wordt alsmaar stiller en roder. De ik-figuur wil dat het stopt maar ze weet niet hoe. Paul gaat verder: hij duwt Tuur. Het meisje (de verteller) is bang van Paul. Hij heeft een vuist zo hard als baksteen. Als de juf vraagt wie wat gezien heeft, zou ze wel willen spreken, maar ze durft niet. Mijn mond is stil, maar mijn hand wil omhoog. En dan doet ze het toch en net zoals het pesten begon, gaan er nu meer en meer vingers de lucht in. Paul wil wraak nemen maar de anderen komen solidair om haar heen staan. Paul lacht groen. Groen is ook een kleur. Op die laconieke toon zou het verhaal moeten eindigen maar dan k…Lees verder

Rood of waarom pesten niet grappig is (5+) - Jan De Kinder

Levensecht verhaal over het mechanisme van pesten. De hoofdpersoon van het boek, een naamloos meisje, zet zonder het zelf te willen dit mechanisme in gang. De kinderen kijken stilzwijgend op het spel tussen pester en slachtoffer toe. Het meisje doorbreekt de stilte en onmiddellijk durven de andere kinderen zich ook verzetten tegen de pester. Jan De Kinder maakt zijn verhaal nog sterker door de illustraties: een spel van lijnen en kleuren. De klasgroep bestaat uit uitgesproken herkenbare kinderen. De kleuren geven de dynamiek van het pesten weer. Op een bepaald moment kleurt zelfs de schaduw van het gepeste blozende jongetje rood. In de Gentse bibliotheken vind je overigens nog tot eind juni een Muur tegen pesten die van filiaal naar filiaal verhuist.